Vogelasiel De DAN heeft al jaren een vogelasiel en is erg actief in de hulp aan de diverse vogels uit onze streek. En dat zijn er heel wat. Denk maar eens aan de Ooijpolder dat een echt vogelparadijs is, zowel van vaste bewoners als ook van seizoengasten zoals de grauwe gans. De vele bosgebieden die plaats bieden aan spechten, roofvogels, uilen en veel zangvogeltjes. En niet te vergeten alle stadsvogels zoals de duiven, merels, mezen enz. Vooral in het voorjaar en bij extreme weersomstandigheden krijgen we veel vragen om hulp. En daar zijn we blij mee, want dat houdt in dat men oog heeft voor de natuur en bereidt is te helpen. En u kunt de vogels al met kleine dingen helpen. Houdt er b.v. in het voorjaar rekening mee dat er in bomen, heggen en struiken vogelnestjes kunnen zitten. Snoei dus zo min mogelijk of heel selectief, zodat u niet onnodig broedende vogels verstoort. Hang nestkastjes op, want door onze keurig onderhouden tuintjes en geïsoleerde daken hebben de vogels steeds minder broedplekken. De nestkastjes zijn in de winter ook nog een prima schuilplaats voor de vogels. En in de winter is een leuke voederplaats voor de vogels in de tuin heel nuttig en gezellig, maar zorg er dan wel voor dat de katten er niet bij kunnen. En laat het vette voer in het voorjaar niet te lang hangen, want de vogels voeren het aan hun pasgeboren jongen en die kunnen dat nog niet verteren en sterven. |
|||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||
| Daar komt nog bij dat er een flora- en faunawet is die bijna alle dieren beschermd en waarbij de hulpverlener een vergunning nodig heeft van het ministerie. De DAN heeft een vergunning om alle in het wild voorkomende vogels te mogen/kunnen opvangen. Daarnaast heeft de DAN een erkenning van de Vogelbescherming Nederland. Uitsluitend een asiel met een vergunning mag vogels langer dan 12 uur in zijn opvang hebben. |
|||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||
Hoe ziet het vogelasiel van de DAN er uit? |
|||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||
| In de binnenopvang hebben we kooien in diverse maten, zodat we zowel het mereltje en het kleine eendje als ook de houtduif en de aalscholver kunnen opvangen. | |||||||||||||||||||
![]() ![]() ![]() |
|||||||||||||||||||
| Voor de watervogels zijn er speciale bassins die zowel met als zonder water te gebruiken zijn. Enkele van de kooien kunnen we voorzien van een warmtelamp voor vogels die erg jong of erg verzwakt binnenkomen. | |||||||||||||||||||
![]() ![]() |
|||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||
| Onze buitenopvang bestaat uit vijf vluchtrennen, waarvan er twee ook een kleine waterbak hebben. | |||||||||||||||||||
![]() ![]() |
|||||||||||||||||||
| Daarnaast een ren die bij uitstek geschikt is voor roofvogels, maar ook voor kraaiachtigen goed te gebruiken is. En dan nog een grote open ren met veel natuurlijke begroeiing en een grote vijver. Zeer geschikt voor de groepen opgroeiende ganzen en de zwanen die toch meer ruimte en een ruime waterpartij nodig hebben. | |||||||||||||||||||
![]() ![]() |
|||||||||||||||||||
| Al deze opvangen vergen veel onderhoud en vooral als ze allemaal bezet zijn, hebben onze dierverzorgers veel werk om het allemaal schoon te houden.
Gelukkig zijn er genoeg vrijwilligers om deze klus te klaren, maar vooral in voorjaar en zomer is iedere helpende hand zeer welkom. |
|||||||||||||||||||
| Welke vogels zien we zoal in onze omgeving en dus in onze opvang | |||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||
| Als we goed om ons heen kijken in de tuin en in de stad, zien we heel wat vogels. Maar wat weten we eigenlijk van deze dieren? Een mus of een spreeuw is heel bijzonder, als we ze goed bestuderen. Ze doen niet onder voor al die vogels uit andere delen van de wereld, waarnaar we op televisie zo geboeid zitten te kijken. Een duif krijgt wel eens de scheldnaam “vliegende rat”, maar U moet toch toegeven dat de kleuren van de vogel, zeker in het volle zonlicht, heel bijzonder zijn.
En dat geldt zeker ook voor de eenden in de vijver of voor de buizerd op het paaltje langs de snelweg. Het is jammer, dat velen van ons zich niet de tijd gunnen om eens goed te kijken naar deze dieren en onze natuur. |
|||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||
| De medewerkers van de DAN zijn wat dat betreft natuurlijk zeer bevoorrecht, omdat ze heel wat vogels zien, helpen en/of naar ons vogelasiel brengen. Het is elk jaar weer een feest om de jonge eendenkuikentjes in onze opvang te zien opgroeien en dan weer terug te mogen zetten in de natuur. Of om een zwaan die is aangereden, weer helemaal te zien herstellen. Jammer genoeg zijn veel van de vogels die bij ons binnenkomen, te ziek of verzwakt om te herstellen, maar elke vogel die we kunnen helpen (redden) is toch weer een klein succesje. Zeker de vogels die door menselijk gedrag gewond zijn, verdienen het om door de mens ook weer geholpen te worden. Gelukkig zijn velen van U bereid om ons te bellen voor een dier dat hulp nodig heeft of om het dier naar ons toe te brengen.
Maar hoe weet je dat een dier hulp nodig heeft of dat het bij zijn natuurlijke gedrag hoort wat hij doet? Dat is lang niet altijd duidelijk, maar als je je een beetje verdiept in het gedrag van de dieren, kan je het beter inschatten. En bij twijfel kunt U natuurlijk altijd de dierenambulance (DAN) bellen: 024-3550222. |
|||||||||||||||||||
Tips en adviezen In het voorjaar, als de jonge vogels geboren worden, komen er heel wat telefoontjes bij ons binnen met vragen om hulp of advies. Er zijn nogal wat misverstanden over het gedrag van de jonge dieren en hun ouders. Daarom hier wat tips en adviezen over jonge, maar ook over volwassen vogels.
|
|||||||||||||||||||
|
Dierenambulance Nijmegen e.o., © 2007 |
|||||||||||||||||||