ANS (Algemeen Nijmeegs Studentenblad) maart 2004
All dogs go to heaven
 
Door Bram Balk
 
Het lijkt een hondenbaan: dieren redden zonder enige vergoeding. Toch staan de vrijwilligers van de Dierenambulance Nijmegen 24 uur per dag paraat om 'negatieve' latten en honden van de straat te halen. Maar gelukkig gaan ze niet alleen ober lijken. Vogels, egels en andere dieren worden dagelijks gered door de dappere DAN.
   
Vierduizend dieren worden per jaar door ze geholpen. De Dierenambulance Nijmegen (DAN) moet het stellen zonder subsidie en is afhankelijk van sponsoring en donateurschap. Wie een verdwaalde Fikkie een mooi thuis wil geven kan de vrijwilligers dag en nacht bellen. Tegen betaling brengen ze ook ranke poedels naar de trimsalon voor een nieuwe coiffure.

9.00 uur

'Jeetje wat stinkt die hond zeg!' Het kadaver van wat ooit een bernardshond was wordt op een brancard uit de koeling gehaald en in de wagen gelegd. 'We spreken liever van een negatieve, dan van een dode hond. Dat klinkt vriendelijker,' vertelt Marga, directeur van de DAN. Dat hij een tijdje heeft mogen afkoelen te midden van zijn andere negatieve vrienden heeft niet geholpen: kernteamlid en chauffeur Jacqueline haalt er een spuitbus bij om de lijkgeur te onderdrukken. 'Wat je ruikt zijn inwendige gassen. Nu gaat het nog wel, maar in de zomer is het niet te harden zonder alle ramen open,' vertelt Jacqueline terwijl ze de afzuigkap aanzet. De laatste reis van de ontzielde viervoeter eindigt in de oven van Crematorium Amadeus. 'Normaal gesproken krijg je hier een gezelliger ontvangst, maar nu kun je zien wat voor werk we doen,' vertelt Marga terwijl ik achterin de ambulance stap. Wie denkt dat het leven op de dierenambulance hectisch is, komt bedrogen uit: 'Deze periode is het nog erg rustig, straks in het voorjaar zijn we druk in de weer met bijvoorbeeld eendjes.' De kwakende watervogels willen namelijk nog wel eens gaan broeden op onhandige plekken. 'Daar hebben we onze handen vol aan.'

11.30 uur

'We hebben alleen een vergunning om vogels en andere kleine dieren hier te houden. Honden en katten blijven hier niet.' Willie is chauffeur en bijrijder. Zoals de meeste vrijwilligers van de dierenambulance, doet hij dit naast zijn werk. In het dagelijks leven werkt hij bij Philips, in zijn vrije tijd vertoeft hij regelmatig aan de in de Thijmstraat gevestigde DAN-basis.
Het complex bestaat voor het grootste gedeelte uit de opvang voor de dieren. De schildpaddenvijver ligt droog en de renbaan voor konijnen gaat pas in de lente weer open. De konijnen moeten het voorlopig stellen met hokken tussen egels, ratten en duiven. Maar ach, het is er altijd nog beter dan in de koeling. Deze donkere koelkast vol ex-katten, honden en andere overleden kroost, is allerminst de plek waar je wilt verblijven.

12.33 uur

Margreet rijdt pas een paar dagen mee met de dierenambulance. Nieuwsgierig kijkt ze hoe Marcel een dode poes onderzoekt, die netjes langs de stoep is gelegd. Uit het ontzielde kattenlichaam steekt een bot.
'Kun je nu zien waaraan hij precies is overleden, Marcel? Die kat kan toch ook aan inwendige verwondingen zijn doodgegaan?'De precieze doodsoorzaak is echter nog steeds onduidelijk. 'Hij ligt hier al een tijdje: hij is al stijf,' concludeert Marcel en pakt een grijze bak uit de wagen. Voorzichtig legt hij de poes in de ambulance.


15.00 uur

In de vensterbank van dhr. Sop glanzen de planten in het zonlicht. De rest van zijn woning is een stuk grauwer: oude meubels, een ouderwetse televisie en in de kast verschillende oude cassetterecorders en bandjes. Ú wilt een parkiet afstaan?' vraagt Jacqueline. De man knikt en haalt de kooi. Ík had hem pas een maand of twee,' zegt hij een beetje afwezig en steekt een sigaret op. Hij vult het formulier in en vraagt terloops naar het lot van 'Tweety'. Óh, die komt goed terecht. Zeer goed, zelfs,' stelt Marga hem gerust terwijl Sop zijn as aftipt op de grond van een potplant. 'Vaak zijn dit soort momenten erg heftig,' vertelt Marga as de wagen terug naar de basis rijdt. 'Kijk, nu gaat het om een parkiet. Maar als het om een hond of kat gaat, is het vaak een groot drama voor de hele familie.'

16.10 uur

Hoewel hij nauwelijks meer op zijn poten kan staan, strompelt Rex naar buiten. De hond had al een tijdje last van zijn poot, maar nu kan hij zelfs niet meer zitten. Hij is al helemaal niet meer in staat om in de ambulance te klimmen. Hij kijkt doodsbang als hij eenmaal gemuilkorfd op de behandeltafel van de dierenarts staat. 'Vond je het vervelend jongen, toen ik je in de auto hielp?' vraagt kernteamlid en bijrijder Veri op geruststellende toon. De dierenarts bekijkt de zwelling. Waarschijnlijk heeft Rex een ophoping in de lymfen. De arts geeft het dier een injectie en schrijft tabletten voor.

19.30 uur

De nachtelijke ambulancedienst kenmerkt zich door een hoog pionierskarakter: tientallen kilometers moeten worden afgelegd over vage landweggetjes door Balgoij, Persingen en Wamel. De centrale schakelt 's avonds direct over naar de mobiele telefoon van chauffeur Nikki, dus op elke calamiteit kan worden gereageerd. Tenminste: als ze niet verdwaalt.
'Waarom stop je nu?' vraagt Madeleine, die als trouwe metgezel Nikki door de donkere nachten loodst. 'Ik zag daar een eend op de weg zitten. Het leek wel of hij iets aan zijn vleugel had.' Madeleine stapt uit om te kijken of het gewonde dier in de berm te vinden is. 'Nikki, pak jij even de Maglite?' De vogel is helaas gevlogen. In het duister is hij niet meer terug te vinden.

20.15 uur

Ík ben blij dat jullie hem willen ophalen.' Een grote dode hond ligt op de vloer van de Wijchense dierenpraktijk. Het arme dier is helemaal uitgemergeld, maar heeft in zijn buik een enorme zwelling. 'Dat is het vocht van zijn tumor,' legt de arts uit. Hij pakt een leeg spuitje en prikt in de buik van het dier. Langzaam loop het spuitje vol met troebel water. 'Zie je dat? En we hebben er al heel veel uitgehaald.' Als hij de naald eruit trekt drup er nog wat vocht op de vloer. 'Hij zal in ieder geval niet meer openbarsten.'


22.15 uur

'Hij is twee keer bijna onder een auto gekomen,' verteld een vrouw terwijl we in de gang van haar huis aan de Maasdijk staan. 'Hij liep midden op de weg. Toen we de eerste auto zagen uitwijken, hebben we direct de onze aan de kant gezet. Het is zijn redding geweest dat hij bij ons in de auto sprong.' De jonge herder springt vrolijk door de hal. Als Nikki de scanner te voorschijn haalt om te kijken of de hond een identificatiechip heeft, gaat het beestje direct achter het gekke apparaat aan.Wat een leuk spelletje.
Volgens de bewoners aan de Maasdijk is het helemaal geen hond om binnen te houden. 'Daar is hij veel te wild voor. Het lijkt wel of hij niet is afgericht.' De hond is ook niet gechipt en het is dus de grote vraag wie het baasje van de enthousiaste herder is. Óp zich zouden we hem best willen houden. maar we hebben hier al honden genoeg.' Voorlopig mag hij een tijdje logeren in dierenhotel De Mère te Balgoij.

23.30 uur

Vannacht is het aan Sander om te waken over de dieren van Nijmegen en omstreken. Druk zal het niet zijn tijdens deze nachtdienst in een rustige winterperiode. Maar met de lente zal ook het prille dierenleven ontwaken en hulp nodig hebben. Voor die tijd zoekt de DAN nog steeds naar vrijwilligers met het hart op de juiste plaats.

Op verzoek van de DAN zijn de achternamen van de medewerkers weggelaten.