Introductie van de Dierenambulance, de DAN
Uilskuikens op de stoep, een ree vast in een hek, een egel in de vijver, een vleermuis achter de gordijnen, een aangereden hond..., gemiddeld 50 maal per etmaal wordt de Dierenambulance benaderd voor dieren die hulp nodig hebben.
Het gaat vrijwel altijd om problemen, waar mensen op de een of andere manier verantwoordelijk voor zijn, zoals verkeer, allerlei obstakels, zwerfvuil waarin dieren verstrikt raken, milieuvervuiling en aantasting van leefgebieden. Dierenleed laat vrijwel niemand onberoerd, dus zo'n dier moet geholpen worden. Dit is tegenwoordig, sinds sept '96 zelfs verplicht. Artikel 36 van de Gezondheids en Welzijnswet voor dieren bepaald dat 'iedereen verplicht is een hulpbehoevend dier de nodige zorg te verlenen'. Maar hoe help je een aangereden, agressief blazende kater, die zich onder de struiken verborgen heeft of een jonge reiger, die je midden op straat tegen komt. Wat moet je met een per ongeluk verstoord nest jonge egels, een jong vogeltje, een verlamde Sint Bernhard op tienhoog, een zwaan in de middenberm van de snelweg of een ekster in de open haard? Vrijwel iedereen weet in dit soort gevallen de Dierenambulance te vinden. Vaak is een telefonisch advies voldoende, om in te schatten wat de beste aanpak is. Soms kan een probleem worden doorgespeeld aan een gespecialiseerde instantie, een dierenarts of een boswachter. Als er echter meteen geholpen moet worden staan zo'n 50 medewerkers 24 uur per dag klaar. Met de hulp van drie volledig uitgeruste ambulances, een rubberboot, een basispost en diverse opvangfaciliteiten (o.a. een vogel en een egelasiel) kan er snel en doeltreffend geholpen worden. Stichting Dierenambulance Nijmegen en omgeving (DAN) In 1985 is de DAN opgericht. Ongeveer 60 vrijwilligers zetten zich dag en nacht in om met behulp van 3 ambulances, een rubberboot, een paardentrailer, een basispost en diverse opvangfaciliteiten dieren in nood te helpen. Het werkgebied van de DAN omvat globaal het 'Land van Maas en Waal' vanaf Dreumel (onder Tiel) tot aan de Duitse grens en het 'Rijk van Nijmegen' met Gennep als ondergrens.
Jaarlijks wordt de DAN 30.000 keer gebeld voor hulp aan dieren. Naast telefonische hulp wordt er ieder jaar ruim 6000 maal uitgerukt voor daadwerkelijke hulp aan dieren. Zowel in het wild levende dieren, zoals egels, konijnen, reeën, eenden, meeuwen, merels en zwanen als allerlei huisdieren worden geholpen.
Huisdieren Ongeveer de helft van de activiteiten van de DAN heeft betrekking op huisdieren, zoals hulpverlening bij ongevallen, vervoer naar een dierenarts, hulp aan dieren in nood, vervoeren van zwerfdieren, achterhalen van de eigenaar van zwerfdieren, herplaatsen van zwerfdieren (alle dieren met eigenaar, behalve honden en katten), nazorg bij overleden huisdieren (bemiddelen bij crematie of begraven, afvoeren van overleden dieren) (zie ook onder activiteiten DAN). Inheemse dieren De andere helft betreft inheemse dieren; Verkeersslachtoffers, olieslachtoffers, draadslachtoffers, raamslachtoffers.., voor veel dieren is het leven in en om de stad geen lolletje. De ruimte voor in het wild levende dieren wordt steeds kleiner, steden en dorpen breiden uit, natuurgebiedjes worden opgeofferd. Veel dieren wijken daarom noodgedwongen uit naar de stad. Honderd jaar geleden was de merel een schuwe bosvogel, nu ziet u hem in alle tuinen, meeuwen -van oorsprong zeevogels-, eten nu patat mèt. Onze menselijke omgeving zit voor dit soort dieren vol 'onnatuurlijke' gevaren, denk maar aan verkeer, allerlei obstakels, zwerfvuil waarin ze verstrikt raken, milieuvervuiling, aantasting van leefgebieden enz. We worden dus regelmatig geconfronteerd met de slachtoffers van onze menselijke samenleving; dierenleed laat slechts weinigen onberoerd, zodat de Dierenambulance Nijmegen (DAN) dag en nacht benaderd wordt om deze dieren te helpen. Soms kunnen dieren ter plaatse geholpen worden (Bijvoorbeeld het bevrijden van een verstrikte reiger). Zijn de verwondingen zo zwaar, dat herstel uitgesloten is dan wordt zo'n dier wordt geëuthanaseerd. Vaak echter is een dier uitgeput door voedselgebrek, is ziek of minder zwaar gewond. Als zo'n dier een reële kans heeft op herstel en daarna weer volwaardig kan functioneren in de natuur, probeert de DAN het dier die kans te geven. Opvang Voor het verzorgen van hulpbehoevende vogels en egels heeft de DAN een gespecialiseerd vogelasiel en een egelasiel. Voor de opvang van deze dieren heeft de DAN een vergunning van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (A-vergunning voor de opvang van alle beschermde vogels, inclusief roofvogels en uilen). Uitgangspunt bij de opvang van in het wild levende dieren is dat het dier zo kort mogelijk uit zijn natuurlijke omgeving onttrokken wordt, en zo snel mogelijk na herstel teruggeplaatst wordt op de vindplaats (of een alternatief geschikt biotoop) Naast hulpbehoevende dieren uit de natuur vangt de DAN ook zwerfdieren op, met name konijnen, cavia's, hamsters e.d. De DAN probeert dergelijke dieren een tweede kans te geven door een nieuw baasje voor ze te zoeken. Daarnaast wordt veel aandacht gegeven aan voorlichting en educatie (zie ook activiteiten DAN) Maatschappelijke functie van de Dierenambulance Behartigen van dierenbelangen In Nederland zijn veel organisaties die zich het lot van dieren aantrekken. Organisaties zoals de Dierenbescherming en de Vogelbescherming zetten zich vooral in voor de belangen van dieren in het algemeen. Betere wetgeving, bescherming van leefgebieden en bijvoorbeeld het vestigen van de aandacht van het publiek op allerlei misstanden, zijn zaken waar (op termijn) het welzijn van vele dieren bij gebaat is. Hulp aan individuele dieren Dierenambulances zetten zich in voor de belangen van het individuele dier in nood en vormen daarmee een onmisbare aanvulling aan het complete dierenwelzijnsplaatje in Nederland. Huisdieren Huisdieren worden tegenwoordig beschouwd als een volwaardig lid van het gezin. Bij vermissing, ziekte, ongelukken of dood van huisdieren verwacht men snelle, zorgvuldige en adequate hulp. Inheemse dieren Het helpen van dieren, die door menselijk toedoen in de problemen komen, wordt door vrijwel iedereen als een vanzelfsprekende, morele plicht ervaren. Hiervoor is een snelle, deskundige en altijd bereikbare organisatie als een dierenambulance onmisbaar. Betrokkenheid van het publiek bij dierenleed richt zich vrijwel altijd op individuele dieren in nood. Bedreiging van leefgebieden en ontoereikende wetgeving zijn tamelijk abstracte onderwerpen die het grote publiek (helaas) niet zo aanspreken. De betrokkenheid bij individuele dieren in nood kan echter een belangrijke schakel vormen tot een grotere belangstelling voor de achterliggende problematiek. Dan moet die betrokkenheid natuurlijk wel een duidelijke plek hebben en gehonoreerd worden door zinvolle hulp. Daarin voorziet de hulpverlening van dierenambulances. Zonder dierenambulances zal iemand, die zich het lot aantrekt van bijvoorbeeld een gewonde zwaluw, zich na talloze telefoontjes naar diverse organisaties vertwijfelt afvragen, of zijn betrokkenheid bij zo'n dier wel gewaardeerd wordt. Hij zal de volgende gewonde zwaluw laten liggen en zijn belangstelling voor mogelijke bedreigingenvan het biotoop van de zwaluw zal er zeker niet door toenemen. Wanneer iemand echter eenmaal een gewond dier wel heeft kunnen helpen, zal dat een blijvende indruk achterlaten. En vlucht zwaluwen zal nooit meer hetzelfde zijn, wanneer je er een in de hand hebt gehad, die je hebt kunnen helpen. De Dierenambulance Nijmegen zorgt ervoor dat elk verzoek om hulp voor een dier in nood gehonoreerd wordt en draagt daarmee een steentje bij aan het instandhouden van de betrokkenheid bij dieren, die iedereen (vooral kinderen) heeft meegekregen. |